zaterdag 26 december 2009

Khorb koon

Hier eindelijk weer een verhaaltje, dit keer vanuit Thailand. We liggen hier nu ongeveer een week, en voorlopig zijn we nog niet weg. Taiwan ligt al weer ver achter ons, en Australië hebben we ook weer bezocht, om het staal te lossen. Daarna zijn we naar een plaatsje aan de oostkust van Australië geweest. Port Alma, heette het en er was in de verste verte niks te bekennen. Een uitgestrekt woestijnachtig landschap, een riviertje, wat silo’s en bergen mineralen en een kade voor hooguit twee schepen. Er lag nog een ander schip van spliethoff, dat had problemen met de kranen (en met de machinisten…).We hebben daar een aantal dagen gelegen om ammoniumnitraat te laden. Dat spul is een grondstof voor explosieven, gebruikt in de mijnbouw. Op zich zelf is het niet gevaarlijk, maar je moet er geen brandbare spullen bijgooien. Dat spul hebben we in drie verschillende Indonesische havens gelost. Helaas lagen we de eerste twee havens voor anker en hadden we in de laatst haven te weinig tijd om de wal op te gaan.

Na Indonesië zijn we naar Sattahip, Thailand gevaren, daar zijn we de 14e aangekomen en we liggen er nog steeds. We zijn hier voor een lading met een aantal modules voor een oliemaatschappij. Het zijn 4 modules, waarvan 2 met een gewicht rond de 120 ton. Voor de rest nog een hele zooi constructiestaal en containers. Het moet allemaal naar Nigeria, en laat ik daar nou liever niet heen gaan, haha. Het is dus een relatief zware lading, dat bleek wel toen zo’n module hier de bocht om moest, op een speciale trailer met ongeveer 280 wielen. Ze kregen het niet snel voor elkaar, ook niet met twee vrachtwagens ervoor. De eerste dag kwam er dus al niks van en toen dat ding eindelijk langszij stond de volgende dag deed het volgende probleem zich voor. Omdat het maximale hijsvermogen van elke kraan 120 ton is, werd het gevaarte met twee kranen ingepikt. Bleek hij dus zwaarder te zijn dan opgegeven, en daardoor kon hij niet ver genoeg in het ruim neergezet worden. Uiteindelijk ging hij dus weer terug op de trailer, en gingen de mannen druk aan het denken hoe dat spul toch in het ruim moest komen. Uiteindelijk hadden ze bedacht het hijsgerei uit te breiden, zodat de ene kraan wat meer gewicht overnam van de andere, zodat hij niet in z’n overload kwam en verder kon reiken. Deze manier was nogal omslachtig, maar die dingen stonden uiteindelijk toch mooi op hun plaats. Ik kon me toen ook mooi nuttig gaan maken, er moest het nodige vast gelast worden in het ruim. Ben dus een aantal dagen met het fillippijnse machinekamerhulpje staal aan elkaar aan het bakken geweest, om het geheel allemaal op z’n plek te houden op zee.


Ben hier ook al meerdere keren de wal op geweest. Vlakbij op het terrein zijn wat van die typische winkeltjes. Daar hebben we al een paar keer ’s avonds gezeten voor een biertje. Die ouwe heeft er zelfs een keer een feestje georganiseerd met de mensen van het winkeltje. Ze hadden de boel helemaal versierd en lekker eten op tafel gezet. Ik kan nu zeggen dat ik een heel klein beetje Thais kan, khorn koob (khoan kab) betekend bedankt. Ik wilde ook wel een keer wat meer zien dan alleen het haventerrein, dus ben de volgende dag met mijn persoonlijke gids de boer op geweest. Ik sprak een local die wel voor taxichauffeur wilde spelen en ik had gehoord over wat leuke dingen in de buurt. Even een deal gemaakt en toen op een zondagmiddag naar de olifanten, de apen en de vissen in underwaterworld. Ik heb een ritje op zo’n machtige reus gemaakt, dat was heel apart. Ik zou als olifant liever in de vrije natuur leven, maar ze hebben er volgens mij weinig van en paarden worden ook bereden. Mocht zelfs nog even op z’n nek zitten, net als de chauffeurs. Er was ook nog een apenshow daar, dus dat moest ik ook even zien. Ik werd natuurlijk met mijn zojuist aangeschafte kokosnoot op de eerste rij geplaatst, alwaar mij dat ding snel afhandig werd gemaakt door zo’n slimme harige rakker, hahaha. Hij lustte dat sap ook wel, dus ik hielp hem maar een beetje met z’n rietje vasthouden, mooi beest. Ik was zeker onder de indruk van wat ze die dieren allemaal geleerd hebben, slimme beesten. Daarna heb ik nog een bezoek gebracht aan het aquarium bij Pattaya, ook mooi. Ooit van een kokosnootkrab gehoord? Ik heb hem gezien, het is de grootste landkrab ter wereld en hij eet onder andere kokosnoten.


Het is hier al met al flink uitgelopen, we zouden allang weer onderweg moeten zijn. De planning aan de wal is hier slecht, soms komen ze zomaar weer met wat lading en soms moeten we dagen wachten. Als het goed is komen de laatste paar containers de 30ste, en dan zouden we diezelfde dag nog weg kunnen. Dan is het 2 dagen varen naar Singapore voor brandstof en dan waarschijnlijk via Durban, Zuid Afrika (2 weken varen) naar Nigeria. In Durban staan nog wat containers die ook die kant op moeten en wij komen er bijna langs, dus die zijn waarschijnlijk ook voor ons. Inmiddels heb ik ook een afstudeeropdracht, waarmee ik ergens de twee helft van januari mee kan beginnen. Ik hoop er dus af te kunnen in Durban, of misschien al eerder in Singapore. Beetje jammer alleen dat het allemaal nog niet zeker is, wanneer we daar zijn. Het zou me niks verbazen als die laatste lading later komt dan de 30ste. We wachten het maar af… Het eind is nu in ieder geval echt in zicht.

Oja, voor ik het vergeet, nog even op de valreep: fijne kerstdagen. Hier zijn we lekker vrij, heb warempel een keer uit kunnen slapen. Voor de rest lekker eten en we hebben zelfs wat zitten zingen met gitaarbegeleiding van de bootsman en de Filippijnse stagiaire. Ook de in Azië razendpopulaire karaokeset is uit de kast getrokken, wat klinkt dat toch altijd belabberd, haha.

maandag 2 november 2009

Ni hao! (Miauw)

Dag beste lezers! Het is alweer een tijdje geleden, hoog tijd voor een nieuw bericht dus. We hebben Azië voorlopig weer achter ons gelaten en over een dag of vijf komen we aan in Brisbane. De eerste keer Kaoshiung was een kort bezoekje, na een 2 dagen waren we alweer onderweg. Het gaat daar natuurlijk heel anders dan in Australië, niks geen bond voor stuwadoors hier, die de meest bizarre eisen mogen stellen. Nee, oude krakkemikkige mannetjes die waarschijnlijk al hun hele leven dit zware werk doen. Communicatie tussen ons en die gasten met handen en voeten en misschien een verdwaald woord engels. Ben er ook nog even de wal op geweest, met de twee andere stagiaires. Eerst naar ’t winkelcentrum, beetje rondgesnord en taiwanezen gekeken. Daarna met de taxichauffeur naar een seafood-restaurantje langs de weg. ‘Very good, very fresh’, zeidie. De vis lag vers voor het uitkiezen en het werd direct voor je klaargemaakt. Natuurlijk met stokjes gegeten, das altijd behelpen, maar het was zeker lekker.

In Kaoshiung zijn er ook wat nieuwe mensen aan boord gekomen, een andere 1e stuurman, een andere 2e wtk en de vriendin van die ouwe ging een stuk met ons meevaren. Na een paar dagen varen lagen we alweer in Qingdao, om dat zand te lossen. Onderweg bizar veel vissersbootjes tegengekomen, bijna allemaal hetzelfde, heel veel dezelfde namen zelfs. Zeker maar een paar goed draaiende vismaatschappijen ofzo. Op een gegeven moment zat echt het hele radarscherm vol met stippen, bijna allemaal tegen elkaar aan. Zie je daar maar eens doorheen te bewegen, gelukkig hebben we een manoeuvreerbaar schip. ’s Nachts kwamen we aan, heb op de brug meegekeken hoe we naar binnen piepten. We moesten even achteruit inparkeren, met de hulp van twee sleepbootjes. Natuurlijk lag daar weer een verdwaald bootje, die werd even professioneel weggetoeterd. De scheepshoorn galmde nog erg lang na over het stille haventerrein. Tijdens het aanmeren nog veel meer geluiden: chinees gebrabbel van de loods over de radio, het mechanische piepen en kraken van de walkranen die op nog geen 20 meter voorbijgingen, een Chinese vrouwenstem over de luidsprekers op de kade, vrachtwagens, de kapitein die de commando’s van de loods herhaalt, ‘eerste achtertros vast’ vanaf het achterdek, meer chinees geblaat over de radio, weer die Chinese vrouwenstem en de draaiende kranen van het schip vlak naast ons. En toen…… lagen we vast, snel weer aan het werk dus, om alles open te gooien. De volgende dag weer rustig verder aan dek, beetje de ruimingangen aan het markeren geweest, om te voorkomen dat een verdwaalde stuwadoor de verkeerde deur opentrekt en misschien naar beneden pleurt, of een lading bulk over z’n hoofd krijgt.

Ook in Qingdao ben in nog een dagje de wal op geweest. Die ouwe ging met z’n vriendin en de vrouw van de HWTK op stap, ik kon aanhaken. Hij had afgesproken dat de agent ons een beetje rond zou toeren en wat dingen zou laten zien. Wat een bizarre stad, veel chinezen joh, bijna 8 miljoen inwoners. Even een opsomming van wat we allemaal gezien hebben: heel veel bruidjes, nog niet getrouwd maar wel foto’s aan het maken voor in de woonkamer, een muffe oude villa inclusief verkopers, een ongegeneerd schijtende chinees in een open openbaar toilet (had weinig behoefte er naast te gaan staan, heb maar een boom opgezocht), nog een chinees, en nog een paar, chinees bier, een pagode inclusief aandringende verkoopsters, strand inclusief volleyballende chinezen in ballenknijpers, souvenirverkopers, een riooluitlaat in zee met vlak daarbij een visserman, een mooi aquarium inclusief onderwatertunnel, een mac donalds met spicy chickenburgers (zo pittig maken ze die niet in Nederland) en een pier vol met Chinese toeristen, souvenirverkopers en bedelaars… Dat was het wel zo’n beetje, ik heb dus een hoop indrukken opgedaan, zelf nog even vuilnisman gespeeld, vuilnis is geld daar. Op de terugweg nog muurvast in het verkeer met de taxi, echt zo’n typisch geval van ieder voor zich, geen regels. Ook nog verdwaald op het haventerrein (Regel 1: de kapitein heeft altijd gelijk. Regel 2: als de kapitein geen gelijk heeft, treedt automatisch regel 1 in werking.) De kapitein had gelijk.

Nadat we na een aantal dagen helemaal leeggeschept waren door de chinezen zijn we weer richting zee vertrekken, alweer ons de zoveelste tyfoon stond op te wachten. De kapitein heeft weer de nodige afwegingen gemaakt en uiteindelijk gingen we op een gegeven moment volle pijp richting Kaohsiung. We kwamen aan met brandstof voor 4 dagen, das niet veel als je misschien een tyfoon moet ontwijken. Tegen die tijd ben ik in de machinekamer begonnen, ook leuk, en ik leer een hoop. Natuurlijk werd er even bijgetankt, helaas hebben we hierbij een flinke lekkage van zware brandstof gehad in de machinekamer. We zijn bijna drie volle dagen bezig geweest met minstens drie man om die troep op te ruimen uit de bilge. Da’s de laagste vloer in de machinekamer, onder de vloerplaten waar je normaal op loopt, met daartussen ondenkbaar veel leidingen, pijpen, kleppen en de hele mikmak. Het was een beste rotklus, want we konden er op heel veel plekken niet fatsoenlijk bij. In Kaohsiung kon ik weer even de wal op, ben met die ouwe en de 2e stuurman de kroeg in gedoken. We hebben flink gelachen, kwamen zomaar die koks ook nog tegen op straat. Gevolg was in ieder geval een kop als een baksteen de volgende dag. Later zijn we nog een keer gegaan, om wat leuke dingen voor het schip te kopen. Er was wat geld verdient met het verkopen van de trossen van het vorige project (die dingen waren veel te groot en hebben we niet meer nodig), dus we zijn er op uit gegaan om te gaan shoppen. We kwamen thuis met een home cinema set, een zootje badmintonspullen, honkbalspullen en basketbalspullen. Van de week al de nodige potjes badminton gespeeld in het ruim, dat was zweten geblazen.

Het is nu dus nog een dag of vijf varen naar Brisbane, we liggen bomvol met staal. Allerlei soorten en maten, van rollen tot platen, van hoekprofielen tot kokers. We gaan verder nog lossen in Port Kembla en Melbourne. Wat het plan daarna is weet nog niemand, dikke kans dat het weer een bulklading wordt. Dat was het weer voor nu, tot horens maar weer!

zondag 4 oktober 2009

How are you, mate?

Het vorige bericht was wel erg kort, vond dat ik jullie wel wat meer verschuldigd was dan dat. Bij deze nog even een uitgebreider stukje. De laatste lading pijpen voor de Damgracht is verleden tijd en op 12 september zijn we anker op gegaan bij Dampier. De Australische ‘mates’ (stuwadoors) die hier aan boord zaten konden ook weer naar de volgende klus. Ongeveer een week later kwamen we aan in Portland, voor de eerste lading bulkgoed. Het was een aardige lange dag, de dag van aankomst. ’s Ochtends vroeg de loods opgepikt en aanmeren, daarna de ruimen laadklaar maken. Alles moest piekfijn schoon zijn, de matrozen waren dan ook al druk bezig geweest om de ruimen te vegen, opnieuw te schilderen en te schrobben. Echt, je kon bijna van de grond eten. Omdat we verschillende ladingen zouden krijgen, hebben we ze gescheiden met behulp van de tussendekken. Dit zijn losse dekken (van 6 bij 18 ongeveer) welke op z’n kant kunnen worden neergezet. De kieren worden vervolgens afgedicht met tape, om te voorkomen dat het fijne zirkoniumzand wegloopt.
De volgende dag werd er vóór aanvang van het laden bepaald hoeveel gewicht er precies aanwezig was aan boord. Hiervoor kwam speciaal iemand aan boord, om alle diepgangen op te nemen en er aan te rekenen. Ná laden wordt dit nogmaals gedaan, het verschil is dan gelijk aan de geladen hoeveelheid. Best interessant om mee te kijken. Dat zand zelf is superfijn, en dus erg duur (zie vorige bericht). Hier vindt je waar het zoal voor gebruikt wordt: http://www.periodieksysteem.com/elem_nl.cfm?IDE=Zr . Het werd via een lopende band door een trechter het ruim ingestort. Ik heb in het begin even meegekeken, maar kreeg al gauw vrij om de wal op te gaan.

Grappig stadje, dat Portland. Doet een beetje Brits aan, de winkeltjes enzo. Eerst even een stuk door de haven gelopen en ook nog langs de rotskust naar de vuurtoren. Even kunnen internetten, een praatje gemaakt met een stel vissers op de pier en zelfs nog even in de lokale pub beland. Op de terugweg nog even langs het zeemanshuis voor een belletje. ’t Wordt gerund door vrijwilligers, er stond deze keer een stel op leeftijd achter de toonbank. De man liet blijken dat hij een beetje nederlands sprak, hij vroeg waar ik precies woonde. Toevallig heeft hij een tijdje bij de hoogovens gewerkt, vlakbij m’n woonplaats. Heel tijd met hem staan ouwenelen, blijkt dat hij ook een terreinwagen heeft en gek is van terreinrijden. Haha, even wat stoere offroadverhalen uitgewisseld en uiteindelijk heb ik een hele berg tijdschriften en zelfs wat dvd’s van hem gehad! Kwammie zelf nog naar het schip brengen na het werk, supertof.

De volgende dag zijn we weer vertrokken, op ons oude plekkie kwam nu een schip dat vee vervoerd. Die lag al voor anker te wachten tot wij plaats zouden maken, kwam even 60.000 schapen halen… Na klein dagje varen kwamen we ’s ochtends vroeg aan in Bell Bay, Tasmanië. Zootje pruimenweer, je staat er niet echt bij stil dat het in Australië ook erg koud kan zijn, maarja, we zaten immers ver in ’t zuiden. Mooi stukje gevaren over de Tamar River, beetje m’n ding gedaan op de brug en geholpen met het opengooien van de ruimen. Hier werd er geladen door een kraan met een kiepbakkie eraan. Dat ding werd steeds op de kade gezet, waarna een vrachtwagen hem volstortte met die steentjes. Die dingen reden af en aan… De ochtend daarna zijn we afgemeerd en vlakbij weer voor anker gegaan. We moesten plaats maken voor een ander schip, maar konden nog niet verder richting riviermonding, omdat het tij nog te laag was. Het weer werd steeds beter en het begon er steeds mooier uit te zien buiten, best een mooie omgeving. ’s Middags kwam de loods om ons te helpen met naar buiten varen, het laatste stukje mocht ik van de kap ook ff aan ’t roer.

Inmiddels zijn we alweer een dikke week aan het varen, met bestemming Kao-hsiung, Taiwan. Daar gaat een deel van de lading gelost worden, waarna we verder varen naar Qingdao, China, om dat dure zand te lossen. We worden alleen nogal opgehouden door het weer, er woeden hier verderop twee tyfonen. Vorige week is er al één aan land gekomen in de Fillipijnen, grote ravage was het gevolg. Nu is er een tweede ook langsgeweest, en een derde blijft als het goed is op de oceaan. Omdat je daar echt niet in wil zitten met het schip, hebben we het een beetje afgewacht. Het is maar de vraag wat die dingen doen, we krijgen elke 3 uur updates via de telex en houden alles bij. De kapitein gaat binnekort een beslissing nemen misschien ten westen van de Fillipijnen te gaan varen, als het goed is hebben we daar veel meer beschutting. Oorspronkelijk zouden we ten oosten van de Fillipijnen langsgaan. We wachten het nog even af.

Van de week voeren we door een bruinachtige mist, een mixje van nevel en woestijnzand, het dek werd er helemaal smerig van. Het wordt weer steeds warmer buiten, de 30 graden wordt makkelijk gehaald. Best lekker zou je zeggen, ware het niet dat de airco in de accommodatie het niet doet. Lekker zweten tijdens werk is niet erg, maar het is echt niet fijn om ook nat van ’t zweet in je bed te liggen. Gelukkig kunnen we de nodige deuren en patrijspoorten openzetten voor ‘frisse’ buitenlucht. Ja, tussen haakjes, want soms slaan de uitlaatgassen je binnen op je keel. Maar goed, het is even niet anders, je raakt er aan gewend. Daarnaast hebben we nu een klein zwembadje gemaakt aan dek, voor welkome verkoeling in de vrije uurtjes.

Deze reis zijn we ook de evenaar weer over gegaan, de meesten van jullie weten wel wat dat betekend: gedoopt worden door Neptunus. We zijn best een tijdje bezig geweest met de voorbereidingen. Dikke voorpret, leuk om het dit keer van de andere kant mee te maken (vorige keer was ik ook de sigaar). Ik was één van de piratenhulpjes van Neptunus. We haalden de 5 ongelukkigen (seababies) met de koffietijd op om ze te ketenen en op te sluiten, zodat wij de nodige spullen klaar konden zetten. Ze hebben het allemaal goed doorstaan, moet zeggen dat ik er wel iets makkelijker van af ben gekomen, gelukkig had ik m’n certificaat(bewijs) mee. Ze werden al de hele week zenuwachtig gemaakt met heftige telexberichten, zogenaamd van neptunus. Uiteindelijk zou het zogenaamd niet doorgaan, vanwege het drukke schema van de heerser van de oceanen. De dag werd afgesloten met een barbecue op ’t achterdek, natuurlijk met de nodige alcoholische versnaperingen. Best gezellig, zelfs nog aan het armpjedrukken geweest, vanzelfsprekend kon ik de kapitein niet verslaan, haha.


Inmiddels is er ook weer internet aan boord, dat heeft wel even geduurd. Tussen Taiwan en China hebben we alleen helaas weer geen bereik. Na Qingdao gaan we terug naar Kao-hsiung, voor een lading staal en een jacht. Dan terug richting oostkust Australië (Brisbane, Port Kembla, Melbourne en Adelaide). Jullie horen wel weer wat van me!

zondag 20 september 2009

Portland

Hey mensen! Even een kort berichtje vanuit Portland, Australie. We hebben al een tijdje geen internet meer, geen dekking met de satelliet. Heb nog een paar minuten internet aan de wal nu.
Vorige week vertrokken uit dampier en inmiddels liggen we ruim een dag in portland.

Gister hard gewerkt om alles laadklaar te maken. Vandaag was ik vanaf 11.00 vrij en ben ik de wal op gegaan. Best mooie omgeving, heb ff een stuk gewandelt. De winkels enzo doen een beetje brits aan. Morgen vertrekken we met de lading zand (meer dan 1000 dollar per ton, duur spul). Dan nog naar Bell Bay, Tasmanie, voor meer bulk. Dan lossen in Khoashiung en qingdao.

Tot de volgende keer maar weer!

vrijdag 28 augustus 2009

Vanaf de Damgracht

Sinds dinsdagmiddag zit ik aan boord van de Damgracht. Na aankomst op het vliegveld in Singapore werd ik geholpen door het personeel van het vliegveld, de agent was er nog niet. Gelukkig stond ik in het systeem van de immigratie en mocht ik het land in. Na een tijdje gewacht te hebben was ik net aan ’t bellen waar de agent bleef, toen me door het vliegveldpersoneel verteld werd dat hij onderweg was. Ik heb eerst een nachtje in een hotel gezeten, want het schip was nog niet in Singapore. Dat was allemaal prima in orde, goed eten, mooie kamer, ik heb zelfs nog even in ’t zwembad gelegen. ’s Avonds heb ik even een klein rondje rond het hotel gemaakt. Echt een moderne stad, allemaal hoge gebouwen en sjieke kantoren en winkelcentra. De gerechten hangen hier bij sommige eettenten in namaak aan de gevel, echt apart om zo het hele menu te zien.

De volgende ochtend werd ik weer opgepikt en naar een terminal bij de rede (ankerplaats) van Singapore gebracht. Hier opereren allerlei kleine crewbootjes, welke de zeelui naar de schepen vervoeren. Eenmaal aan boord werd ik leuk ontvangen, ik kon meteen aanschuiven met eten en kreeg m’n hutje aangewezen. Aardige gasten hier aan boord, het sfeertje is gemoedelijk. Ik heb gekozen om eerst een maandje met de stuurmannen mee te lopen. Dat houdt in dat we van 8 tot 12 werkzaamheden aan dek verrichten, en dat ik ’s middags van 16.00 tot 20.00 wachtloop op de brug. Dit schip is nog maar een maand of 7 oud en MADE IN CHINA, dus er zijn wat kleine gebreken. Het schip moest snel beschikbaar zijn, dus er is niet voldoende tijd geweest alles netjes af te werken. Zo zijn we nu bezig een zootje waterdichte deuren goed gangbaar te krijgen. Gister en vandaag hadden we trouwens wat oefeningen. Gisteren een firedrill en vandaag een abandon ship drill en een ISPS-oefening. Dat laatste gaat over de veiligheid van het schip, hoe we omgaan met dreigingen van buitenaf. Dit keer was er zogenaamd een bom verstopt, welke we in teams gingen zoeken. Wij hadden het pakketje alledrie over het hoofd gezien en werden daar gelukkig meteen op gewezen door de kapitein. Zo hoefde niet het hele schip verder te zoeken, haha. Op dezelfde manier zoeken we trouwens naar verstekelingen, in groepjes het hele schip door.
We varen richting Dampier, Australië, met een lading pijpen voor een LNG-leiding. Deze worden daar op zee overgegeven aan een stel suppliers, welke ze weer naar de pijpenlegschepen transporteren. We hebben Lombok Strait net gehad (tussen Lombok en Bali) en varen nu op de Indische oceaan. Dat is trouwens wel te merken aan de deining, we gaan een stuk meer op en neer hier, in het onbeschutte water. Het weer is trouwens prima. Gisteravond zijn we in onze wacht een zootje lokale vissers ontweken. Mooi versierde en geschilderde houten schepen van een meter of 20 en met best een grote bemanning. Leuk om daar eens vlak langs te varen. Apart om te zien was dat veel van hen een zootje dikke bouwlampen voorop hadden (waarom?). In het donker zie je dan flinke lichtpotten aan de horizon, er komen namelijk inktvissen op het licht af, welke ze dan weer vangen (daarom).
Wat trouwens echt een meevaller is, is dat ik internet heb op m’n hutje, en dat bellen relatief goedkoop is. Dat komt omdat er voor dit offshore-project geïnvesteerd is in een goede satellietverbinding. Echt fijn, op kantoor werd me namelijk verteld dat emailen maar een paar keer per dag mogelijk zou zijn, internetten helemaal niet en bellen erg duur zou zijn. Je kunt me dus (voorlopig) gewoon bereiken op m’n normale e-meeuwadres.
Dat was het wel weer zo’n beetje, zondagmiddag komen we aan in bij Dampier. Wat we daarna voor een lading hebben is nog niet bekend. We weten dus ook niet zeker waar we heen gaan, ik ben benieuwd.
Groeten vanaf de Indische Oceaan!



zaterdag 22 augustus 2009

Change of plan

Er is weer nieuws hoor!
Ik zou uiteindelijk halverwege de komende week geplaatst worden op de Traveller, een zware-lading schip van BigLift. Toen ik vrijdag even belde om te checken of er nog veranderingen waren, hoorde ik dat dit schip voorlopig nog wel vast zou zitten in Nigeria (reden onbekend). Nu sturen ze me daar natuurlijk niet heen (gelukkig), want dat schijnt niet bepaald veilig te zijn. "Maar,..." zei het hoofd personeelszaken, "jij moet nu gewoon zo snel mogelijk weg, we kunnen niet veel langer wachten. Ik probeer je nu op één van de D-type schepen te plaatsen, en je dit weekend al op 't vliegtuig te zetten." Deze schepen zijn op 't moment bezig met transport van pijpleidingen vanuit Maleisië naar Australië. Het enige probleem was dat er aan boord misschien te weinig ruimte zou zijn voor een stagiair. Gelukkig kunnen ze me erbij hebben op de Damgracht, nu vlieg ik morgenavond 21.30 naar Singapore, Maleisië.


Daar wordt ik opgewacht door de lokale agent, die me naar het bunkerschip(met brandstof) brengt welke de Damgracht bij zal tanken. Het schip brengt nog één lading pijpen naar Australië, maar lost deze offshore (dus niet aan een kade). Volgens planning duurt dit tot 13 september, en dan moet er nieuwe lading gezocht worden voor het schip. Daar staat dus nog niks voor gepland, dus dat wordt een verassing, ik ben benieuwd. Ik ga vandaag en morgen rustig verder met het pakken van de tassen, eigenlijk staat alles al klaar. Volgende bericht komt waarschijnlijk vanaf de Damgracht, geen idee wanneer.

donderdag 30 juli 2009

Het is weer bijna zover

Het is inmiddels alweer ruim een jaar(!) geleden dat ik mijn laatste bericht geplaatst heb. Het derde schooljaar zit er op en we kunnen weer lekker van de vakantie genieten. Ik heb dit jaar gekozen voor de minor engineering, wat inhoud dat ik me meer heb verdiept in de technische kant van het beroep. (de andere minor was navigation).

Binnenkort begint mijn tweede stage weer. Sommige klasgenoten van me hebben al voor het ruime sop gekozen en ook voor mij zit het er aan te komen. Ik ben aangenomen bij de Amsterdamse rederij Spliethoff. Zij bestaan al sinds 1921 als bevrachtingskantoor en sinds '46 hebben ze zelf ook schepen varen. Het vaargebied is werelwijd en het is grotendeels nog 'wilde vaart'. Dat betekend dat ze niet ver van te voren plannen waar een bepaalde lading opgepikt moet worden en waar deze weer heengebracht moet worden. Dat leek me dus wel een leuke aanvulling op de eerste stage, 'het echte varen' dit keer. Naast de Spliethoff schepen heeft het bedrijf ook nog een zustermaatschappij met zware-lading schepen: BigLift Shipping. Dat zijn de zware jongens, uitgerust met stevige kranen om zware ladingen aan boord te nemen. Nadruk ligt hierbij wel op het vervoer ervan. Het is dus anders dan het werk dat de Thialf van m'n vorige stage doet, zij plaatsten vooral offshore-installaties. Spliethoff is bekend van de scheepsnamen welke op ...gracht eindigen en ze vervoeren van alles. Van rollen papier tot zeiljachten, van locomotieven tot windmolenwieken. Alle schepen hebben eigen laadgerei, wat betekend dat ze overal kunnen laden en lossen. Walkranen zijn immers niet nodig. Dat maakt het dus ook lekker afwisselend, zo lijkt me.


Er is al een stagebijeenkomst geweest op het kantoor, waar alle nieuwe stagiaires alles duidelijk is uitgelegd. Omdat niemand weet waar ik langs zal komen, heb ik een Amerikaans en een Australisch visum. Van de week ben ik in Amsterdam langsgegaan voor een zeevaartkeuring. Uiteraard wer dik goedgekeurd, dus ik kan er weer twee jaar tegen aan (met een boven gemiddeld gehoor, gheghe). Toen ik daarna de laatste kopieen van belangrijke documenten doorstuurde, kreeg ik een mailtje terug waarin stond dat als ik er haast mee had ik vandaag (30 juli) al op had kunnen stappen op de Spuigracht in Liverpool. Dat was me iets te vlug, dus daarvoor heb ik bedankt. Nu hoor ik binnen een week of twee meer. Ik ga dus maar beginnen met het klaarzetten van de spullen, zodat ik zo weg kan als het nodig is. Ik kom waarschijnlijk op de Spuigracht (bovenste foto) of op één van de Biglift schepen (niet die van de foto), er ligt er nu eentje voor de kust van west Afrika, en als die een Europese haven aandoet kan ik opstoppen.
Ik zal proberen jullie weer een beetje op de hoogte te houden van wat ik meemaak aan boord. Ik hoorde van meerdere mensen dat ze het leuk vonden om mee te lezen, dus ik ga m'n best weer doen. Ik heb wel wat minder gelegenheid om berichten te plaatsen, er is namelijk geen internet aan boord. De emailberichten worden wel regelmatig binnengehaald via de satelliet (soms meerdere keren per dag). Op die manier kan het ook, alleen beeldmateriaal wordt waarschijnlijk lastig. Van de week nog een afscheidsfeestje en dan horen jullie weer van me als ik meer weet!